27 augustus: Promotie Maarten Holtzapffel – De vagebondpoëzie van Rūmī

12 August 2026

Detail uit Jalal al-Din Rumi’s Masnavi (ca. 1488). Via The Metropolitan Museum of Art

Op donderdag 27 augustus verdedigt Maarten Holtzapffel zijn proefschrift ‘Of Love and Wisdom: The Appeal of Rūmī’s Qalandarī Poetry in the Modern World’. Hierin onderzoekt hij de stroming van qalandariyyāt, of ‘vagebondpoëzie’, in het werk van de 13de-eeuwse Perzische dichter Jalāl al-Dīn Rūmī in combinatie met zijn ongekende populariteit vandaag de dag. 

Qalandarī-poëzie

Rūmī is onderdeel van een grote Perzische literaire traditie waarin de literaire figuur van de qalandar veelvuldig voorkomt, een vagebondfiguur die bewust sociale en religieuze regels overtreedt. De qalandar verkiest het wijnhuis boven de moskee, en presenteert zichzelf eerder als een ongelovige dan een vrome moslim. De rollen draaien in dit soort poëzie echter snel om: de moslim die vroom van buiten lijkt, blijkt hypocriet en spiritueel arm van binnen, en de non-conformistische qalandar blijkt zeer vroom in zijn hart. 

De qalandar-figuur gaf dichters de mogelijkheid om belangrijke vragen te stellen over wat geloof inhoudt en wie een goede moslim is. In Rūmī’s poëzie zien we dezelfde thema’s terugkomen, en gebruikt hij de figuur van de qalandar om belangrijke vragen te stellen. Wat is het verschil tussen een gelovige en een ongelovige, en is uiterlijke vroomheid belangrijker dan innerlijke liefde voor God?

Rūmī’s hedendaagse populariteit 

Volgens Holtzapffel is er een verband tussen Rūmī’s gebruik van de literaire qalandar en het non-conformistische gedrag dat deze figuur belichaamt, en zijn ongekende populariteit vandaag de dag. Hedendaagse populaire vertalers en schrijvers interpreteren Rūmī’s qalandarī-motieven vaak als afkeer van geïnstitutionaliseerde religies. Maar op deze manier worden de motieven vaak losgekoppeld van hun islamitische en Perzisch literaire context vanwaar ze hun betekenis verkregen. 

Aan de hand van invloedrijke moderne Engelse vertalingen laat Holtzapffel zien hoe Rūmī’s poëzie in het Westen wordt geseculariseerd: islamitische en Perzisch-literaire elementen worden weggefilterd, terwijl het non-conformistische element wordt uitvergroot tot een universele, religie-overstijgende boodschap. Deze selectieve lezing onthult iets over hedendaagse populaire westerse aannames over wat ‘goede’ religie is – persoonlijk, spiritueel, individueel – tegenover wat als ‘slechte’, want dogmatische en institutionele, religie geldt. 

Voorafgaand aan de verdediging houdt Holtzapffel vanaf 16.00 uur een lekenpraatje.